Overlijden van enige cliënt, betekent niet het einde van de arbeidsovereenkomst

In de top 10 meest spraakmakende uitspraken in de zorg van 2020, is deze uitspraak op plek 7 geëindigd – Overlijden van enige cliënt, betekent niet het einde van de arbeidsovereenkomst.

Bianca is verpleegkundige en woont in Spanje. Sinds 2016 is zij in dienst van een stichting die is opgericht ten behoeve van de verzorging van één patiënt. Deze man heeft als gevolg van een ongeluk een dwarslaesie opgelopen. Daardoor is hij verlamd geraakt en heeft hij 24 uur per dag verzorging nodig. Om de benodigde verpleging en verzorging van hun vader te regelen, hebben zijn beide kinderen een stichting opgericht. Bianca is daarvoor speciaal uit Spanje naar Nederland overgekomen om deze zorg te leveren. Op zich een slim bedachte constructie.

Doel arbeidsovereenkomst: zorg voor één patiënt

De arbeidsovereenkomst is enkel en alleen aangegaan voor de de persoonlijke zorg voor de betreffende man. Bianca’s werkzaamheden bestaan uit huishoudelijke taken en zijn verzorging. Bianca heeft een kamer betrokken in zijn woning en is daar dus 24 uur per dag. Partijen hebben een oproepovereenkomst voor bepaalde tijd getekend. Zij werkte van 12:00 uur tot 22:00 uur. In geval van nood, of als de patiënt hulp nodig heeft, dan is Bianca buiten deze werktijden bereikbaar via Messenger. Buiten de vakantie’s om, werkt zij zeven dagen per week.

En dan overlijdt de patiënt

Per 1 augustus 2017 is er een tweede arbeidsovereenkomst afgesloten, tot 31 mei 2018. Op 4 april 2018 overlijdt de patiënt. Zijn kinderen (formeel is het natuurlijk de stichting) denken dat daarmee ook het dienstverband eindigt en stoppen de salarisbetalingen. Een keuze met verstrekkende en langdurige gevolgen. Bianca is het er namelijk niet mee eens: het contract loopt immers tot 31 mei. Zij laat het er niet bij zitten en schakelt een jurist in. De jurist vordert namens haar het achterstallige salaris vanaf 1 april 2018. De kantonrechter wijst de vorderingen toe.

“Een extra bepaling in de arbeidsovereenkomst had veel gedoe kunnen voorkomen.”

Geen ontbindende voorwaarde is geen einde arbeidsovereenkomst, en dus terechte salarisclaim

De werkgever gaat in hoger beroep. Het hof oordeelt op 17 november 2020 dat er geen sprake is van een oproepcontract. De aanwezigheid van Bianca was immers voortdurend vereist. Ze is nooit opgeroepen om te komen werken, ze was er ‘gewoon’. De kinderen voeren aan dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege is geëindigd na het overlijden van hun vader.

Dat de arbeidsovereenkomst was gericht op de persoonlijke zorg voor de patiënt brengt niet mee dat op grond daarvan de arbeidsovereenkomst tussen Bianca en de stichting eindigt bij het overlijden van de patiënt. Het hof merkt daarbij op dat in de arbeidsovereenkomst geen ontbindende voorwaarde is opgenomen. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.

In de praktijk bijt de gekozen constructie in de eigen staart

De arbeidsovereenkomst is aangegaan met als doel de persoonlijke zorg voor de patiënt. Na het overlijden van de patiënt gaat de werkgever er ten onrechte vanuit dat de arbeidsovereenkomst eindigt. Maar dat is niet het geval. De stichting is werkgever, niet de patiënt. De zo slim bedachte constructie leidt er nu dus toe dat er geen automatisch einde aan de arbeidsovereenkomst is gekomen.

Neem je een werknemer in dienst met als doel verzorging van slechts één patiënt? En wil je het werkgeverschap via een speciaal daarvoor opgerichte stichting regelen? Neem dan altijd een ontbindende voorwaarde op. Zodra de patiënt overlijdt, ontstaat er feitelijk een leeg dienstverband, maar eindigt de arbeidsovereenkomst dus niet. Tenzij er een ontbindende voorwaarde in staat opgenomen. Een gewaarschuwd mens, telt voor twee.

Dit is een bewerkte uitspraak. Lees hier het origineel op rechtspraak.nl.

Terug naar de top 10 meest spraakmakende uitspraken in de zorg

Terug naar het nieuwsoverzicht

Deel dit bericht:

Meld je aan voor de Nieuwsbrief.

Meld je hier aan voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte.

Icoon
Icoon