Eind vorig jaar heeft de Hoge Raad geoordeeld (Xella beschikking) dat een werkgever positief moet ingaan op een verzoek van de werknemer tot beëindiging van zijn ‘slapend dienstverband’. En daar hoort uiteraard de uitbetaling van de transitievergoeding bij. Doet een werkgever dit niet, dan handelt hij in strijd met het goed werkgeverschap. Er geldt een aantal uitzonderingen op de verplichting tot beëindiging, bijvoorbeeld wanneer er reële re-integratiemogelijkheden zijn.

Lees hier het artikel over de Xella beschikking

De kantonrechter Alkmaar heeft zich op 14 juli jl. gebogen over de vraag of ook een situatief arbeidsongeschikte werknemer een beroep op deze uitspraak van de Hoge Raad kon doen. Nee, aldus de kantonrechter Alkmaar. Een interessante uitspraak voor de praktijk!

Bij situatieve arbeidsongeschiktheid gaat het bijna altijd om de situatie waarbij de arbeidsrelatie is verstoord en de werknemer de werkgever verwijt dat terugkeren op het werk om die reden niet meer mogelijk is. 

Wat speelde er in deze zaak?

De werkneemster is sinds 1 september 2007 als uitvaartleider in dienst bij de werkgever. Op 12 mei 2016 heeft werkneemster zich ziek gemeld. Naast medische beperkingen speelde er ook een arbeidsconflict tussen partijen. Partijen hebben geprobeerd dit arbeidsconflict op te lossen met gesprekken en mediation maar dat heeft niet tot een oplossing geleid. Uit een rapportage van de arbeidsdeskundige van het UWV uit 2017 blijkt dat werkneemster niet belastbaar is in eigen werk maar dat re-integratie in het tweede spoor is aangewezen.

Na een loonsanctie van het UWV aan werkgever is uiteindelijk op 12 februari 2019 de WIA-aanvraag van de werkneemster afgewezen. Het UWV kwam namelijk tot de conclusie dat er geen sprake meer was van beperkingen als een rechtstreeks gevolg van ziekte of gebrek. Werkneemster was dus niet meer ziek en niet arbeidsongeschikt en aan haar is een WW-uitkering toegekend.

Werkneemster stapt naar de kantonrechter

Hoewel de werkgever nog (al dan niet reëel) liet weten de arbeidsovereenkomst te willen voorzetten, verzocht werkneemster aan werkgever om tot beëindiging van het dienstverband over te gaan. Maar dan wel onder toekenning van de transitievergoeding van circa € 43.000,- bruto. Werkgever heeft dit geweigerd. Werkneemster heeft vervolgens de kwestie aan de kantonrechter Alkmaar voorgelegd en heeft zich beroepen op de uitspraak van de Hoge Raad en primair verzocht de werkgever te laten veroordelen de arbeidsovereenkomst op te zeggen.

Verplichting tot beëindiging geldt alleen bij langdurige arbeidsongeschiktheid

De kantonrechter is van mening dat de werkgever niet gehouden is om mee te werken aan de beëindiging van het dienstverband. De uitspraak van de Hoge Raad (Xella beschikking) is niet van toepassing op de kwestie.

De kantonrechter oordeelt dat de werkgever alleen mee moet werken aan beëindiging van het dienstverband als er sprake is van langdurige arbeidsongeschiktheid vanwege ziekte. Dus wanneer de arbeidsongeschiktheid 104 weken heeft geduurd en de werkneemster niet in staat is zijn eigen werkzaamheden te verrichten.

Niet meer arbeidsongeschikt en dus geen slapend dienstverband

De kantonrechter stelt vast dat de werkneemster niet meer arbeidsongeschikt is en dus geen sprake is van een slapend dienstverband zoals bedoeld in de uitspraak van de Hoge Raad. De kantonrechter wijst de vordering van de werkneemster dan ook af.

Voor de werkgever in kwestie een fijne uitspraak. Het UWV had werkgever namelijk ook al medegedeeld niet tot compensatie van de transitievergoeding over te zullen gaan. Er is namelijk geen sprake van langdurige arbeidsongeschiktheid.

Hoe liep het tussen partijen af?

De werkneemster had als subsidiaire verzoek gevraagd om ontbinding van haar arbeidsovereenkomst onder toekenning van de transitievergoeding (eigen ontbindingsverzoek). Nu de werkneemster dit verzocht en de werkgever zich hiertegen niet verweerde is het verzoek toegewezen. Maar zonder transitievergoeding. Er wordt namelijk alleen een transitievergoeding toegekend als de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Er daar was volgens de kantonrechter geen sprake van.

Les voor de praktijk

Werkgevers wees je er van bewust dat het UWV dus niet altijd tot compensatie zal overgaan. Zeker niet als er sprake is van een arbeidsconflict en er geen medische beperkingen (meer) zijn. Deze situatie wordt namelijk niet gelijkgesteld met een slapend dienstverband en hierop is de uitspraak van de Hoge Raad niet van toepassing.

Terug naar het nieuwsoverzicht

Deel dit bericht:

Heb je een vraag?

Is iets niet duidelijk of kun je de gewenste informatie niet vinden? Stel dan hier je vraag.

Icoon
Icoon
Icoon
Icoon

Hanze advocaat vind
je op deze locaties

locaties